you're reading...
Kernafval, Wetenschap & Maatschappij

Een verhaal zonder einde? (3)

Het verhaal van het hoogradioactief en langlevend kernafval in België lijkt wel een verhaal zonder einde. Er wordt vooral in rondjes gelopen zonder dat er eens een knoop doorgehakt wordt. We zijn immers aan een nieuw rondje begonnen …

… of toch niet? Na het ‘groene’ stormpje rond de publieksbevraging in coronatijden (zie ‘Een verhaal zonder einde? (1)’ en ‘Een verhaal zonder einde? (2)’) leek de rust teruggekeerd. Maar dat was buiten de waard gerekend van de Luxemburgse minister van milieu, klimaat en duurzame ontwikkeling, mevrouw Carole Dieschbourg, van de partij déi gréng, ofwel De Groenen.

Op 12 mei 2020 hield de Luxemburgse minister een persvoorlichting waarin zij haar verontwaardiging uitdrukte over het gebrek aan transparantie betreffende de zeven mogelijke bergingssites voor het Belgische hoogradioactieve kernafval “direkt vor unserer Haustür”, dus in het grensgebied met het Groothertogdom Luxemburg (al strekt dat grensgebied zich volgens de minister uit tot meer dan 80 km van de Luxemburgse grens). De minister achtte het noodzakelijk op een ‘transparante’ manier met de Luxemburgse burgers deze belangrijke informatie te delen. Zij roept hen ook op tegen de plannen van de Belgische overheid (die er niet zijn!) in verzet te gaan door hun bezwaren uit te drukken via de lopende publieksbevraging van NIRAS over de eindbestemming voor het hoogradioactieve en langlevende afval in België. In hun strijd kunnen de Luxemburgers alvast op hun minister rekenen.

Ze presenteerde daarbij ook een kaart waarop deze zeven potentiële bergingssites aangeduid staan. Nu reeds voor alle duidelijkheid, deze kaart is op generlei wijze een officiële kaart afkomstig uit het Strategisch Milieueffectenrapport (SEA) van NIRAS!

NIRAS-Ardennen

Kaart van het zuiden van België en het Groothertogdom Luxemburg met aanduiding van de zeven potentiële bergingssites voor het Belgische hoogradioactief kernafval volgens de Luxemburgse minister van leefmilieu (bron: geoportal.lu).

 

In de officiële persmededeling van de minister vinden we dan ook de inventaris van de zeven geviseerde bergingssites. Hierbij verwijst ze als bron letterlijk naar het Strategisch Milieueffectenrapport (SEA) van NIRAS.

NIRAS-Ardennenbis

Over de “couche géologique en Gaume” weet de Luxemburgse minister bovendien te vertellen dat het dezelfde laag is die onder Luxemburg doorloopt en dat de Luxemburgse drinkwaterreserves zo mogelijk voor eeuwen zouden kunnen worden vervuild.

Cogolati20200512Iedereen met een beetje gezond verstand zou onmiddellijk moeten zien dat er iets scheelt aan de Luxemburgse kaart met de zeven potentiële bergingssites … wie zou het immers in zijn hoofd halen om een geologische bergingssite voor hoogradioactief kernafval onder de stad Namur of Dinant te plannen.

Niet zo met Samuel Cogolati, federaal volksvertegenwoordiger voor Ecolo, die het niet kon laten deze kaart op twitter te smijten.  Even factchecken hoefde blijkbaar niet. Het zou kunnen waar zijn … en wie weet, volgt later wel een parlementaire vraag hierover, al is het maar om de zaak nog wat op te poken (*).

En het duurde dan ook niet lang of een stormpje raasde doorheen l’Ardenne profonde, zoals blijkt uit Franstalige media. Zowel burgemeesters als lokale politici lieten van hun horen. En ja hoor, in het Ardense dorpje (met nog geen 6000 inwoners) Saint-Hubert nam de gemeenteraad unaniem een resolutie aan tegen de geologische berging van kernafval (zoals blijkt uit dit twitterbericht). Of ze in Brussel daarvan zullen wakker liggen, is natuurlijk een andere vraag.

Minister Marie-Christine Marghem, onze federale minister van energie en milieu was daarentegen duidelijk ‘not amused’ met de démarche van haar Luxemburgse homoloog. Ze had het over een “incident diplomatique sérieux”. Over het verspreiden van de kaart met zeven mogelijke bergingssites en de bangmakerij over mogelijke vervuiling van het Luxemburgse drinkwater, windde minister Marghem er ook geen doekjes om. Het was voor haar “ni plus ni moins qu’une campagne de désinformation préjudiciable”. Ondertussen heeft minister Marghem via teleconferencing een overleg gehad met Luxemburgse burgemeesters (‘Déchets nucléaires: MC Marghem rencontre les bourgemestres luxembourgeois’ – TVLux, 22 mei 2020).

En de minister heeft gelijk. Het gaat hier dan ook over een mooi staaltje van politieke desinformatie, een minister onwaardig! Dat ook Waalse politici, van de lokale burgemeesters tot federaal volksvertegenwoordiger, hier zonder enige kritische reflex, laat staan een factcheck, mee op de kar van ‘fake news’ springen, zegt spijtig genoeg veel over deze politici.

In het Strategisch milieueffectenrapport (SEA) van NIRAS, waarover de publieksraadpleging gaat, gaat u immers niets vinden over potentiële bergingssites of zelfs zones die mogelijk in aanmerking komen voor een geologische bergingssite. Er wordt zelfs geen keuze gemaakt over potentiële gastgesteenten. Het gaat immers nu enkel en alleen over het concept van geologische berging. Maar wat staat er dan in het Strategische milieueffectenrapport, waarop de Luxemburgse minister zich gebaseerd heeft om – moedwillig of uit onkunde – de Luxemburgse burgers – en blijkbaar Waalse politici – te belazeren met desinformatie? Laat ons even factchecken …

Gastformaties

In hoofstuk 3 Geologische berging: algemene inleiding van het Strategisch milieueffectenrapport, gaat paragraaf 3.4 over de Gastformaties. Na een korte beschrijving van de criteria, waaraan deze gastformaties moeten voldoen, wordt eerst een opsomming gegeven van de diverse types gastgesteenten, die vanuit internationaal wetenschappelijk onderzoek, naar voren worden geschoven als potentiële gastgesteenten: evaporieten, kristallijne gesteenten en kleiformaties. En vervolgens komen we aan paragraaf 3.4.2 In België, waarin “de formaties die in België theoretisch denkbaar zijn voor geologische berging” “kort worden voorgesteld”. Lees goed … theoretisch denkbaar! Het is dus niet meer of niet minder dan een inventaris van alle voorkomens in België van evaporieten, kristallijne gesteenten en kleiformaties!

Laten we dan eens de zeven potentiële bergingssites van de Luxemburgse minister overlopen en zien wat daarover in het Strategisch milieueffectenrapport te vinden is.

  • Namur (à 80 km de la frontière luxembourgeoise)
    “De paleozoïsche argillieten zijn te vinden in de perifere delen van het Massief van Brabant, in het Kempisch bekken en in de regio’s Namen en Dinant. Sommige formaties kunnen a priori gunstige kenmerken vertonen voor de vestiging van een bergingsinstallatie. Tot op heden heeft NIRAS geen experimenteel onderzoek naar deze argillieten verricht.”
    Het gaat hier dus over de beschrijving waar in België paleozoïsche argillieten voorkomen, niet meer, niet minder. Bovendien meldt NIRAS dat op deze argillieten nog geen onderzoek verricht is … voor evidente redenen! De geologische context, waarin deze paleozoïsche argillieten in de regio van Namen voorkomen, laten gewoon niet toe dat deze ooit in aanmerking komen voor een geologische bergingssite.
  • Dinant (à 70 km de la frontière)
    “De paleozoïsche argillieten zijn te vinden in de perifere delen van het Massief van Brabant, in het Kempisch bekken en in de regio’s Namen en Dinant. Sommige formaties kunnen a priori gunstige kenmerken vertonen voor de vestiging van een bergingsinstallatie. Tot op heden heeft NIRAS geen experimenteel onderzoek naar deze argillieten verricht.”
    Hetzelfde geldt voor de paleozoïsche argillieten in de regio van Dinant!
  • Le Plateau de Herve (à 55 km de la frontière)
    “De mesozoïsche argillieten zijn aanwezig in het Bekken van Bergen, op het Plateau van Herve en in de Gaume. Ze zijn zeer vergelijkbaar met de argillieten die in Frankrijk en Zwitserland zijn bestudeerd als gastformaties voor geologische berging in galerijen. Tot op heden heeft NIRAS geen experimenteel onderzoek naar deze argillieten verricht.”
    Ook hier gaat het weer om een zuivere beschrijving van waar mesozoïsche argillieten voorkomen in België. Dat deze argillieten in Frankrijk en Zwitserland als potentieel gastgesteenten bestudeerd zijn, is eigenlijk niet echt relevant voor de Belgische context. Ook hier speelt de geologische context deze argillieten parten zodat ze niet in aanmerking komen voor een geologische bergingssite.
  • En Gaume (cette couche géologique commence à 5 km de la frontière)
    “De mesozoïsche argillieten zijn aanwezig in het Bekken van Bergen, op het Plateau van Herve en in de Gaume. Ze zijn zeer vergelijkbaar met de argillieten die in Frankrijk en Zwitserland zijn bestudeerd als gastformaties voor geologische berging in galerijen. Tot op heden heeft NIRAS geen experimenteel onderzoek naar deze argillieten verricht.”
    Hetzelfde geldt voor de mesozoïsche argillieten in Lotharingen!
  • Le synclinal de Neufchâteau (cette couche traverse le Grand-Duché de Luxembourg)
    “Leisteen kan a priori gunstige kenmerken vertonen voor de vestiging van een bergingsinstallatie. Hij is aanwezig in het Massief van Brabant, de syncline van Neufchâteau, de faciës van La Roche en de Massieven van Rocroi en Stavelot. Met uitzondering van sommige Franse schiefers heeft leisteen weinig analogieën in het buitenland en wordt hij elders in de wereld weinig bestudeerd als potentiële gastformatie. NIRAS heeft geen experimenteel onderzoek naar leisteen verricht.
    Leisteen komt voor in zowat de hele Hoge Ardennen, ongeveer ten zuiden van de lijn Givet – Han-sur-Lesse – Marche-en-Famenne – Hotton – Aywaille. De ‘syncline van Neufchâteau’ vormt enkel het centrale deel van deze Hoge-Ardennen leisteengordel. De leistenen in de syncline zijn van Onder-Devoonouderdom. De centrale as van deze syncline loopt zowat van Bouillon, over Neufchâteau, richting Clervaux in het noorden van het Groothertogdom. Dus ja, deze syncline “traverse” het Groothertogdom … so what?
    Leisteen, de metamorfe vorm van een klei(steen), moet je eigenlijk zien als een tussenvorm tussen de kleiformaties en de kristallijne gesteenten. Leisteen heeft dan ook mogelijk eigenschappen van zowel kleiformaties als kristallijne gesteenten, die het geschikt zouden kunnen maken als potentieel gastgesteenten. Maar zoals in het SEA te lezen staat, is leisteen internationaal nog nooit echt serieus beschouwd als een potentieel gastgesteente, en is er dus nog nooit echt grondig onderzoek op gebeurd … ook niet door NIRAS in België. Indien ooit zou worden besloten om leisteen in België te overwegen als potentieel gastgesteente, zou dit betekenen dat een heel nieuw onderzoekstraject – dat decennia kan duren – zou moeten worden opgestart. Of hiervan ooit sprake gaat zijn … alleen de tijd zal het leren.
  • Massif de Rocroi (à 88 km de la frontière)
    “Leisteen kan a priori gunstige kenmerken vertonen voor de vestiging van een bergingsinstallatie. Hij is aanwezig in het Massief van Brabant, de syncline van Neufchâteau, de faciës van La Roche en de Massieven van Rocroi en Stavelot. Met uitzondering van sommige Franse schiefers heeft leisteen weinig analogieën in het buitenland en wordt hij elders in de wereld weinig bestudeerd als potentiële gastformatie. NIRAS heeft geen experimenteel onderzoek naar leisteen verricht.
    In de Hoge-Ardennen leisteengordel komen een aantal vroeg-paleozoïsche sokkelmassieven voor. De twee belangrijkste van deze massieven zijn deze van Rocroi en Stavelot. Ook deze massieven zijn voor een groot deel opgebouwd uit metamorfe leistenen. Maar ook voor deze leistenen geldt hetzelfde als voor de leistenen uit de ‘syncline van Neufchâteau’.
  • Massif de Stavelot (à 15 km de la frontière)
    “Leisteen kan a priori gunstige kenmerken vertonen voor de vestiging van een bergingsinstallatie. Hij is aanwezig in het Massief van Brabant, de syncline van Neufchâteau, de faciës van La Roche en de Massieven van Rocroi en Stavelot. Met uitzondering van sommige Franse schiefers heeft leisteen weinig analogieën in het buitenland en wordt hij elders in de wereld weinig bestudeerd als potentiële gastformatie. NIRAS heeft geen experimenteel onderzoek naar leisteen verricht.
    Wat geldt voor het Massif de Rocroi, geldt ook voor het Massif de Stavelot!

Wat kunnen we nu hieruit besluiten? Dat de zeven mogelijke bergingssites van de Luxemburgse minister volledig uit de lucht gegrepen zijn. Ze zijn uit een hoofdstuk gekersenpikt waarin een zo volledig mogelijk inventaris wordt gegeven van het voorkomen van kleiformaties in de Belgische ondergrond, die theoretisch denkbaar zijn voor geologische berging, los van elke geologische context.

Het fabriceren en verspreiden van een eigen bedriegelijke kaart – zonder enige kennis ter zake – door een minister (!) tart dan ook elk politiek fatsoen. Het grenst zelfs aan het misdadige. Dit is moedwillig uw burgers belazeren … voor uw eigen politieke profilering. Of zoals minister Marghem zegt “ni plus ni moins qu’une campagne de désinformation préjudiciable”.


(*) update 19 mei 2020: En ja hoor, Samuel Cogolati van Ecolo stelt niet teleur. Wat ik hierboven voorspelde, wordt werkelijkheid (“Stockage des déchets nucléaires: les députés ont l’occasion de changer la donne”, l’avenir.net, 19 mei 2020). Terwijl een eerste poging om de publieksbevraging uit te stellen tot na de coronacrisis (of tenminste de termijn te verlengen) enkele weken geleden in de parlementaire commissie al mislukt was, doet hij nu een tweede poging om de hele bevraging op de lange baan te schuiven. Opnieuw dient hij zijn resolutie in voor de plenaire zitting van het parlement van 28 mei. Van therapeutische hardnekkigheid gesproken …


Discussion

No comments yet.

Leave a Reply

Please log in using one of these methods to post your comment:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s

Follow EarthlyMatters on WordPress.com
%d bloggers like this: